BELEEF TEXEL, TEXEL-PLAZA
De Rede van Texel was in de Gouden Eeuw de verzamelplaats voor een enorme zeilvloot. Soms lagen schepen wekenlang te wachten op een gunstige wind om uit te varen. De zeelieden kwamen in Oudeschild aan wal om plezier te maken en handel te drijven. Bovendien bleek het ijzerhoudende water uit de Wezenputten uitermate geschikt om tijdens de lange zeereizen mee te nemen.

Het in deze putten gewonnen water werd vroeger als drinkwater verkocht aan de Oost-Indiëvaarders. Via de Skilsloot werden vaten met dit lang houdbare en smakelijke water naar de schepen vervoerd die op de ‘Rede van Texel’ voor anker lagen. De putten danken hun naam aan het feit dat de wateropbrengsten ten goede kwamen aan het Algemeen Weeshuis in Den Burg. Daarnaast vormde de Rede van Texel in de VOC-tijd het startpunt voor verre zeereizen, waarbij het ijzerrijke en dus goed houdbare Texelse water een belangrijke rol speelde. Fort De Schans werd in later tijden door Napoleon bezocht en geïnspecteerd.

Oudeschild is de thuisbasis van de omvangrijke Texelse vissersvloot. De haven werd vroeger ook gebruikt voor de veerdienst naar Den Helder, een primaire levensader voor Texel. Eerst de Alkmaar Packet en later TESO hebben de haven tot 1963 gebruikt. Toen verplaatste TESO de activiteiten naar ’t Horntje.

Oudeschild, De Wezenputten en Fort De Schans vormen samen de Gouden Driehoek. Dit verdedigingswerk uit de tachtigjarige oorlog werd in 1570 aangelegd op gezag van Willem van Oranje en diende ter verdediging van de op de Rede van Texel liggende schepen. Tijdens de Franse bezetting in 1811 werd het verdedigingswerk in opdracht van Napoleon Bonaparte versterkt en uitgebreid met de fortificaties Redoute en Lunette. In 1922 werd De Schans, die evenals de twee anderen forten nooit voor de oorlogsvoering werd ingezet, buiten militair gebruik gesteld. Een deel van het vestingwerk werd later afgegraven. Het materiaal werd gebruikt voor de ophoging van de dijken. In opdracht van Natuurmonumenten startte in 1992 de uitvoering van een restauratieplan.

‘Hier is een hap in den Hoogen Berg gedaan’, schreef Jac.P. Thijsse in het Verkade album Texel. Hij doelt daarmee op de circa 40.000 kubieke meter zand en leem die werd afgegraven ten behoeve van de dijkwerken langs de Zuiderzee. De zandige bodem van de groeve is tegenwoordig van groot belang voor allerlei insecten. Vooral graafwespen en graafbijen komen hier in een groot aantal soorten voor. In de eerste helft van de twintigste eeuw was dit gebiedje een speelterrein voor de jeugd. Op derde Pinksterdag, de zogenaamde ‘bossiesdag’, trokken moeders met hun kinderen naar de zandkuil om daar van een typisch Texels dagje uit te genieten. Het natuurreservaat De Zandkuil is thans, in tegenstelling tot de bijgelegen ‘Doolhof’, niet (meer) toegankelijk voor publiek.

In Kaap Skil is een prachtige maquette te zien van de Rede van Texel. Deze bestaat uit drie delen. De thema’s zijn VOC, admiraliteit en visserij. Daarnaast heeft het museum een juttersgedeelte. In de schuur hangen veel attributen die in de loop der jaren door de jutters op het strand zijn gevonden. De jachthaven is een zeer aantrekkelijke plaats voor watersporters. Oudeschild heeft een haven voor passanten. Privacy, rust en veiligheid staat hier voorop. Aan Waddenhaven Texel is het internationale keurmerk de blauwe vlag toegekend. Dit betekent dat de milieukwaliteit, de veiligheid en het niveau van de voorzieningen aan hoge eisen voldoet. Oudeschild telde op 1 januari 2013 1.353 inwoners.